Inleiding
´It is easy to lie with statistics, but it is easier to lie without them (Frederic Mosteller)´. Goede morgen allemaal op deze dinsdagochtend 31 maart 2026, de laatste dag van maart! Op naar de zomer, daarom dit zomerse nummer: https://www.youtube.com/watch?v=kUg7OO1gZk0&list=RDkUg7OO1gZk0&start_radio=1 OK, nu naar de bijgesloten ´kennisparel´ van vandaag. Dat is er ééntje van mijn eigen hand. Het betreft een PowerPoint presentatie over ´Het beeld van de criminaliteit in Nederland anno 2026: Trends, achtergronden, verklaringen, mythen en effectief beleid´.
Ik presenteer die PowerPoint regelmatig in zalen en zaaltjes en probeer hem zo up-to-date mogelijk te houden. Ik heb hem gistermiddag dus aangepast met de meest recente cijfers. De conclusie daaruit: het gaat al jaren goed met de door de politie geregistreerde ontwikkelingen op de Nederlandse ‘offline criminaliteitsmarkt’. Er is sprake van een voortgaande daling bij vermogenscriminaliteit (autodiefstal, woninginbraak, autokraak, winkeldiefstal, straatroof en zakkenrollerij) en geweldscriminaliteit (mishandeling, seksueel geweld, verkrachting, moord en doodslag). De laatste jaren is sprake van stabilisering van de neergaande trend.
Eenzelfde ontwikkeling is zichtbaar op basis van zogenaamde slachtofferenquêtes waarin een steekproef van 205.000! respondenten onder de bevolking van 15 jaar en ouder aangeeft of ze het afgelopen jaar slachtoffer zijn geweest van criminaliteit: https://prohic.nl/2026/03/02/983-2-maart-2026-veiligheidsmonitor-2025/ Ook hieruit blijkt een jarenlange daling van dat slachtofferschap en ook hier is de laatste jaren sprake van stabilisering van de neergaande trend. Wanneer we kijken naar de ontwikkeling van zogenaamde ´online criminaliteit´, individueel slachtofferschap van cybercriminaliteit, dan zien we een stijging over de afgelopen jaren. Die stijging is echter minder omvangrijk dan de waargenomen daling van ´offline criminaliteit´.
Hier wordt dus de mythe van criminaliteitsverplaatsing opnieuw bevestigd: https://prohic.nl/2022/07/19/426-19-juli-2022-mythbuster-does-crime-prevented-mean-crime-displaced/ Er is geen sprake van volledige verplaatsing van criminaliteit van de offline wereld naar de online wereld: een mythe dus. In de bijgesloten presentatie zijn al die trendgegevens mooi terug te vinden. Ik hoop dat de gegevens uit de bijgesloten presentatie weer een beetje vrolijk stemt, het is namelijk allemaal niet zo vreselijk gesteld met ´de criminaliteit´ in Nederland. Sterker: er is reden voor optimisme.
Bron
Waard, Jaap de (maart 2026). Het beeld van de criminaliteit in Nederland anno 2026: Trends, achtergronden, verklaringen, mythen en effectief beleid. Den Haag: Ministerie van Justitie & Veiligheid, Directoraat Generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving, 46. https://www.researchgate.net/publication/342803309_Het_beeld_van_de_criminaliteit_in_Nederland_anno_2026_Trends_achtergronden_verklaringen_mythen_en_effectief_beleid
Summary
Many criminologists are intrigued by the causes of crime. They seek to map these causes in various ways. Criminology appears to be primarily oriented toward explanatory models for the emergence of crime: why do people commit crime, what motivates them, and what restrains them? However, criminologists struggle considerably to provide explanations for the observed decline in crime. Why has crime decreased so dramatically in recent years? In the Netherlands, there has been a significant decline in crime since 2002, followed by a stabilization around 2021.
A further ten notable findings are summarized below: (1) In 2025, the level of residential burglary had declined by 82 percent compared to its peak year of 1994. (2) The number of robberies decreased by 83 percent in 2024 compared to 2009. (3) The number of street robberies declined by 65 percent in 2025 compared to 2009. (4) Violent crime decreased by 34 percent in 2025 compared to 2009. (5) There is an uneven geographical distribution of recorded crime across the Netherlands. (6) The total financial damage caused by crime in the private sphere was estimated at €3.2 billion in 2023, with bicycle theft accounting for the largest share at €698 million. (7) Between 1996 and 2024, the number of homicides in the Netherlands declined by 49 percent. (8) The number of contract killings has declined substantially since 2017: from 31 in 2017, gradually decreasing to 18 in 2019, 8 in 2021, and 11 in 2022. (9) Since 2005, the proportion of registered suspects has been declining across all origin groups. (10) Expenditure on social safety per capita amounted to €1,200 in 2025.
The presentation also examines the explanations underlying the observed decline in crime. In addition, it presents a number of examples of effective and less effective measures to prevent crime. Several persistent myths within the domain of crime and law enforcement are also debunked. In short, it is a “PowerPoint knowledge gem” by De Waard that is more than worth viewing.
Afsluitend
In de discussie over ‘de strafrechtketen’ wordt de omvang en de ernst van criminaliteit naar mijn mening op een verkeerde manier naar buiten gebracht. Een veel gehoorde klacht is dat die strafrechtketen aan het overkoken is, het water staat aan de lippen. Maar op basis van de bijgesloten ‘kennisparel’ is er wanneer gekeken wordt naar langjarige trends eerder sprake van een ‘krimpend strafrechtelijk bedrijf’. Ik laat het aan de lezers van bijgesloten ‘kennisparel’ over hoe zij hier tegen aan kijken.
Bij deze positieve ontwikkeling is een ’winstwaarschuwing’ op zijn plaats: op basis van de dalende criminaliteitscijfers kunnen geen betrouwbare uitspraken worden gedaan over hoe de criminaliteitsmarkt zich in de komende jaren zal ontwikkelen. Er is sprake van een zogenaamde dynamische en een weinig statische criminaliteitsmarkt. De cijfers van de door de politie geregistreerde criminaliteit en die uit slachtofferenquêtes heeft een aantal beperkingen waarmee rekening gehouden moet worden:
- De ‘’totale omvang’’ van criminaliteit behelst meer dan wat de politie registreert of waar individuen en bedrijfsleven via zogenaamde slachtofferenquêtes zelf opgave van doen. Er is sprake van een groot ‘dark number’ van misdrijven dat niet ter kennis van politie komt. Er zijn zogenaamde ´verborgen slachtofferpopulaties´, zeker waar het om vormen van georganiseerde misdaad geweld, en bijvoorbeeld fraude gaat.
- De cijfers hebben deels betrekking op door de politie geregistreerde criminaliteit. Criminaliteit die (ook) wordt aangepakt door Bijzondere Opsporing Diensten, inspecties of bestuurlijke autoriteiten komt grotendeels niet in deze cijfers terug. Hierbij gaat het o.a. om thema’s als fraude en milieucriminaliteit.
- In toenemende mate wordt in reactie op criminaliteit (o.a. fraude, georganiseerde misdaad, jeugdcriminaliteit, high impact crimes) ingezet op een integrale aanpak waarbij veel overheidsdiensten samen optreden. Activiteiten van politie en OM in dit verband leiden niet per definitie tot strafrechtelijke opsporing en vervolging, maar ook tot het in positie brengen van bestuursrechtelijke autoriteiten, toezichthouders of inspecties. Deze activiteiten komen dan niet tot uitdrukking in de cijfers van geregistreerde criminaliteit.
- Zowel slachtofferenquêtes als politieregistraties verschaffen slechts summier informatie over zogenaamde slachtofferloze delicten zoals illegaal wapenbezit, heling, (belasting)fraude, milieudelicten, knoeien met producten en intellectueel eigendom.
- Er is slechts summier zicht op de omvang en ernst van verschillende vormen van cybercrime. Deze fenomenen zijn niet of nauwelijks terug te vinden in de cijfers van geregistreerde criminaliteit. Professionals uit het veld waarschuwen (al jaren) voor de snel voortschrijdende digitalisering van de samenleving en ontwikkelingen.
- Ook binnen het domein van de georganiseerde misdaad wordt lang niet alles zichtbaar in de cijfers: volgens de beschikbare gegevens uit voortgangsrapportages van OM en politie wordt thans zo’n 40% van de criminele groepen waar de politie kennis van heeft, aangepakt (en 60% dus niet). Er is op dit gebied dus nog sprake van een fors handhavingstekort.
- Ten slotte, het is niet voor iedereen veiliger geworden. De criminaliteitsdruk is ‘’scheef’’ of ongelijk verdeeld. Zowel bij daders, slachtoffers en binnen specifieke geografische plekken, plaatsen of branches is sprake van een belastende concentratie van criminaliteit. Een klein percentage van de daders pleegt een fors deel van de criminaliteit; een klein percentage van de slachtoffers neemt een fors deel van het totale slachtofferschap voor de rekening en in een aantal geografische gebieden wordt een fors deel van de criminaliteit gepleegd. Daar is het de afgelopen jaren niet veiliger geworden, dus is er daar werk aan de winkel.
Ten slotte, wanneer ik bijgesloten ´kennisparel´ presenteer voor verschillende partijen en belangstellenden krijg ik telkens de vraag voorgelegd waarom dit positieve nieuws nooit in de media terecht komt. Tja waarom is dat het geval? Mijn conclusie is dat goed nieuws over trends in de criminaliteit en rechtshandhaving geen nieuws is. Sowieso positief nieuws over justitie is zeldzaam te noemen. De vlag gaat simpelweg niet uit. Men kan het vaak niet geloven. En dat is jammer want mede dankzij de inspanningen van veel mensen die in de zogenaamde strafrechtketen werken (Preventie, Opsporing, Vervolging, Berechting, Strafuitvoering en Nazorg aan ex-gedetineerden en slachtoffers) is de ´klassieke offline criminaliteit’ significant gedaald. Bedankt dus allemaal, mooi en belangrijke werk, het voorkomt namelijk slachtofferschap én daderschap én maatschappelijke schade veroorzaakt door het containerbegrip misdaad of criminaliteit.
