Inleiding

Goede morgen allemaal op deze dinsdag 21 januari 2025. Ik begin met een liedje uit Frankrijk: https://www.youtube.com/watch?v=-GiR27OqOWg&list=PLqNC_WjyepHkHvP6UqlS6Wz0ziyCDwkOa&index=3 Ik vertrek vanmiddag richting Hannover om deel te nemen in de adviesraad van dit Europese project: https://www.engage2innovate.eu/ Het Engage2innovate-project heeft als doel het ontwerp, de acceptatie en de effectiviteit  van beveiligings- en criminaliteitspreventiemaatregelen te verbeteren door een grotere en effectievere betrokkenheid van eindgebruikers en relevante belanghebbenden mogelijk te maken. Maar dat is vanmiddag aan de orde, we gaan nu naar de bijgesloten ´kennisparel´ van vandaag. Die betreft een vergelijkende Europese studie naar racisme binnen de verschillende politieorganisaties.

Racisme bij de politie varieert van discriminerende raciale profileringspraktijken tot buitensporig geweld. Herhaaldelijke incidenten als deze belichten de diepere structurele problemen die de politie in de Europese Unie (EU) kenmerkt. Veel personen in de samenleving worden getroffen door racisme bij de politie, niet alleen op individueel niveau maar ook op of gemeenschapsniveau. Gebrek aan vertrouwen in de politie voedt sociale uitsluiting en schaadt de fundamenten van een eerlijke en rechtvaardige samenleving. Bijgesloten ´kennisparel´ biedt het eerste EU-brede rapport over racisme bij de politie. De bevindingen identificeren hiaten in regelgevingskaders en stellen concrete stappen voor actie voor. EU-landen moeten ervoor zorgdragen dat hun politiediensten voldoen aan antiracismebepalingen zoals vastgelegd in EU- en internationaal recht.

Lidstaten moeten daartoe gegevens verzamelen over racistische incidenten. Ook moeten ze klokkenluiders in staat stellen wangedrag te melden zonder negatieve gevolgen en een onafhankelijk toezicht garanderen. Politiediensten moeten meer divers worden samengesteld om burgers en de gemeenschappen die ze dienen te vertegenwoordigen. Daarbij moeten individuele politiemedewerkers meer begeleiding krijgen om racisme in hun werk te voorkomen. Met deze ´kennisparel´ wordt daartoe systematisch een aantal voorstellen gedaan om een ​​forse inspanning te leveren om racisme bij de politie aan te pakken.

Bron

European Union Agency for Fundamental Rights (2024). Addressing Racism in Policing. Vienna: European Union Agency for Fundamental Rights, 116 pp. https://fra.europa.eu/sites/default/files/fra_uploads/fra-2024-addressing-racism-in-policing_en.pdf

Summary

Racism in policing includes discriminatory profiling practices, inappropriate racist communication and excessive use of force. These are strong indications of possible structural, institutional and systemic racism in policing. This report is the first specific EU-wide study that looks comprehensively at the legal frameworks, analyses the gaps in policy responses and in effective oversight, and outlines a variety of practices aiming to combat racism in policing.

The findings of this report show that the national legal frameworks regulating policing are diverse in scope:

Incidents of racial discrimination, harassment and criminal victimization – including hate crime – are inadequately reported and recorded, research from the European Union Agency for Fundamental Rights (FRA) shows:

Setting up a strong oversight mechanism – including checks and balances – is an essential part of a police accountability system:

Diversity among staff in law enforcement services and inclusive policing can reinforce the level of trust in law enforcement authorities and thus improve crime reporting’:

Afsluitend

Menselijk sociaal gedrag als het resultaat van een combinatie van individuele disposities, zoals impliciete en expliciete vooroordelen, autoritarisme en sociale dominantie-oriëntatie. Daarbij spelen situationele factoren een belangrijke rol, zoals regels, sociale normen en contextuele omstandigheden. Elk van deze factoren kan bijdragen aan raciaal verschillend gedrag van agenten op het werk. Politieagenten, van wie sommigen onervaren zijn, worden ingezet om criminaliteit op te sporen en erop te reageren. Ze moeten vaak omgaan met personen en gemeenschappen die hen wantrouwen en hun identiteit in twijfel trekken.

Die interacties vinden regelmatig plaats onder stressvolle omstandigheden van slaapgebrek en cognitieve overbelasting die hun uitvoerende functie belasten. Elk van deze factoren op zichzelf en vooral in combinatie, kan het risico vergroten dat agenten hun oordeel op discriminerende manieren zullen gebruiken. Toch zijn politieagenten niet degenen die deze risicovolle situatie voor raciaal verschillend gedrag creëren: die omstandigheden worden in de regel bepaald door beleidskeuzes die door wetgevers en leidinggevende politiefunctionarissen worden gemaakt.

Het is niet mogelijk om alle situaties die het risico op discriminatie kunnen vergroten volledig te elimineren. Echter veel ervan kunnen wel worden verminderd. In bijgesloten ´kennisparel´ worden daartoe goede voorstellen gedaan inclusief een overzicht van goede praktijken in de verschillende EU-lidstaten. Veel van de situationele risico’s voor discriminerend politiegedrag kunnen institutioneel verankerd zijn. Door ze te identificeren zoals in bijgesloten ´kennisparel´ kunnen onderzoekers, beleidsmakers en politieleiders in staat worden gesteld om stappen te ondernemen om racisme in het dagelijkse politiewerk te voorkomen.